Welkom op de nieuwe EE-m@gazine website!

Sinds januari 2016 kan je terecht op onze volledig nieuwe website. Voorlopig kan je nog even grasduinen op de oude website.

Mats, de rebel van de school

Mats staat aangeschreven als de “stoutste” jongen. Als er op de speelplaats een vechtpartij is, wordt zijn naam onmiddellijk vernoemd. Als er een bal door de ruit gaat, wordt Mats direct als de schuldige aangeduid. Als ik eind mei de lijst van mijn klasgroep voor het volgende schooljaar krijg, zie ik direct de naam van Mats staan. Door al wat ik van hem hoorde van mijn collega’s heb ik intussen in mijn hoofd een beeld gevormd van Mats. Hij laat bij iedereen een negatieve indruk na en dat wil ik als leerkracht bewust doorbreken. Ik wil immers de echte Mats leren kennen. Bij de overgangsbesprekingen vraag ik om geen extra informatie rond Mats te vertellen en leg ik zijn dossier bewust naast me neer. Ik zal met Mats het nieuwe schooljaar starten zoals ik dat met alle andere kinderen start.


Op de eerste schooldag gaat om half negen de eerste bel. De rijen vormen zich spontaan. Bij de tweede bel wordt het helemaal stil op de speelplaats. Mats doet een eerste poging om mijn aandacht te trekken. Hij brult plots als een leeuw en doet een stap uit de rij. Ik reageer niet. Mats doet een tweede poging, maar opnieuw negeer ik hem. Mijn collega van de parallelklas wordt nerveus en maant mij aan om te reageren. “Wie is die jongen?”, vraagt ze. “Mats”. “Ha, dat is Mats!” Intussen wordt alles wat ze over hem hoorde in de koffiekamer bevestigd. Bij Mats gebeurt echter iets raars. Hij had verwacht dat ik hem uit de rij zou zetten, zodat hij de aandacht krijgt die hij vraagt. “De andere jaren had ik al lang een opmerking gekregen”, zie ik hem denken.

In hun klaslokaal krijgt de nieuwe groep de kans om zelf een klasopstelling te maken. Zo leer ik snel mijn nieuwe leerlingen kennen. Ik zie Mats aarzelend kijken. Enkele kinderen schikken de banken, maar Mats duwt ze weg. De anderen reageren: “Hou daar mee op, Mats.”. Ik zie Mats weerom vragend denken: “De andere schooljaren stond ik nu al aan de deur”. Een hele schooldag lang blijft Mats proberen om zijn grenzen te verleggen. Dat stelt mij voor twee keuzes: ofwel kwaad worden op Mats, hem aan de deur zetten, hem straffen, maar dan zou ik in dezelfde valkuil als mijn collega’s trappen. Daarom neem ik hem tijdens een speeltijd even apart. In een vierkantje teken is de ruimte waarbinnen hij zich mag bewegen. Met pijlen geef ik aan dat hij regelmatig tegen de klasafspraken ingaat en over de toelaatbare grenzen gaat. Daarbij vertel ik hem heel duidelijk dat dit mij raakt en dat ik dat niet langer wil. Ik spreek met hem het codewoord ‘vierkantje’ af, telkens hij zich aan of over de grenzen beweegt. Daarmee geef ik hem het signaal om zijn gedrag bij te sturen en bevestig ik de positieve relatie die ik met hem heb.

In mijn mailbox ontvang eind september een e-mail van Mats mama. Plots denk ik dat ik Mats misschien toch niet zo goed aangepakt heb. In de mail lees ik een zin: “Eindelijk een leerkracht waarbij mijn kind kan en mag zijn wie hij is … en ik heb er acht schooljaren moeten op wachten.”

Ivan Van Gucht